Bestrijden greenwashing/milieuclaims in merken

Consumenten laten zich bij de aankoop van producten steeds vaker leiden door duurzaamheidsclaims. Duurzaamheids- of milieuclaims zijn termen zoals ‘green’, éco’, ‘organisch’, ‘klimaatneutraal’ et cetera. Deze claims wekken de indruk dat de producten zijn samengesteld uit natuurlijke ingrediënten of duurzaam zijn gemaakt.

 

Dit voorjaar is er een nieuwe richtlijn van kracht geworden om consumenten beter te beschermen tegen misleidende greenclaims (implementatie maart 2026). De richtlijn geldt voor alle mogelijke communicatie uitingen, dus ook voor merken. Kort samengevat: generieke milieuclaims (zoals ‘biologisch’ of ‘eco’) zijn verboden als deze niet te bewijzen zijn en duurzaamheidsclaims mogen alleen als die zijn goedgekeurd/ gecertificeerd.

Dit heeft nu al verstrekkende gevolgen voor de dagelijkse praktijk. Een merk wordt namelijk geweigerd als het beschrijvend is voor de aangevraagde waren of diensten of als het misleidend is.

Als een greenclaim volledig onderbouwt kan worden, dan zal een woordmerk worden geweigerd omdat het beschrijvend is. In de rechtspraak is al eerder beslist dat termen als ‘eco’ staat voor ecologisch en ‘green’ voor milieuvriendelijk. Alternatief is dan om het logo in te dienen om net boven de drempel uit te komen. Echter dat geldt niet voor ieder merk, want het symbool van een blaadje verwijst namelijk ook naar milieuvriendelijk. Om die reden werd alsnog het logo WHY NOT GREEN geweigerd.

Als de claim niet onderbouwd kan worden, dan wordt het merk geweigerd omdat het misleidend is. Voor greenclaim merken die niet voldoen aan de richtlijn, is het verstandig om hier tijdig op te anticiperen en niet te wachten tot 2026. Zorg dat de claims onderbouwd kunnen worden en zo niet start dan tijdig een rebranding om de opgebouwde goodwill te behouden.

merkregistratie



De laatste artikelen
Lidl logo - reputatieschade
Normaal merkgebruik op social media
Positiemerk gele stiksels Dr. Martens boots nietig
Merkbescherming in Qatar
Run on Nitro
Onze klanten
Volg Abcor
merkenbureau abcor op facebookmerkenbureau abcor op twitter merkenbureau abcor op linked in merkenbureau abcor op google plus
eiser
gedaagde
eiser
gedaagde

IP Kennisquiz: beschermingsomvang van een verwijzende handelsnaam

Ondernemer A start in 2018 een nieuw bedrijf onder de naam Mobility Next en “myrefurbishedcar.nl”. Beide handelsnamen worden ingeschreven bij de Kamer van Koophandel (KvK). Tevens wordt op 20 september 2018 de domeinnaam vastgelegd. Het bedrijf, gevestigd in Houten, biedt gebruikte, maar nog vrij nieuwe auto’s aan. De kwaliteit van deze middenklasse auto’s is vergelijkbaar met een nieuwe auto. Het gaat om duurdere occasions van net een paar jaar oud. Op 5 maart 2021 wordt de nieuwe website gelanceerd waar het bedrijf zich ook presenteert onder de naam MRCar. Die naam wordt niet ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel. Ondernemer B registreert op 10 mei 2021 de domeinnaam en laat de handelsnaam inschrijven bij de KvK. Dit bedrijf, gevestigd in Berlicum, verkoopt veel oudere, goedkope gebruikte auto’s. Ondernemer A stelt dat ondernemer B met de naam MRCARS inbreuk maakt op haar oudere handelsnaam MRCar. Eis: ondernemer B moet binnen 4 weken ieder gebruik van de naam MRCARS stoppen. Niet alleen de handelsnaam moet wijzigen, ook de website, het briefpapier, reclame, visitekaartjes et cetera. Daarnaast moet ondernemer B alle proceskosten betalen. Ondernemer B betwist dit. Hij stelt dat Ondernemer A geen handelsnaamrechten heeft op de naam MRCar. De naam staat namelijk niet ingeschreven bij de KvK. Op de website presenteert ondernemer A zich onder de naam My Refurbished Car. Daarnaast is de naam MRCar beschrijvend (heeft het weinig tot geen onderscheidend vermogen) en geeft het dus geen bescherming. Gelet op het totaal andere productaanbod (goedkope oude auto’s versus dure vrijwel nieuwe auto’s) en de andere regio (Houten en Berlicum liggen 50 km van elkaar) is er geen kans op verwarring. De eis moet worden afgewezen. Wie krijgt gelijk en waarom?